Documents

DOI

Pensionering wordt steeds meer gezien als een proces waarin ouderen ook na (vervroegde) uittreding nog actief kunnen worden op de arbeidsmarkt in zogenoemde doorstartbanen. In het hier gepresenteerde onderzoek is nagegaan wat de consequenties van dit doorstarten zijn voor hoe gepensioneerden hun leven ervaren. De verwachting was dat de invloed van doorstarten op het welbevinden afhangt van de vrijwilligheid van het uittredeproces. Bovendien werden verschillen in welbevinden verwacht voor de verschillende motieven om door te starten na uittreden. De gegevens zijn ontleend aan paneldata voor Nederlandse oudere werknemers. De resultaten van de conditionele veranderingsmodellen laten zien dat een onvrijwillige beëindiging van de carrière samenhangt met een afname in welbevinden ten opzichte van vrijwillig gepensioneerden. Doorstarten blijkt echter dit negatieve effect te kunnen compenseren. De resultaten bevestigen ook dat ouderen die graag door wilden starten na pensioen maar niet succesvol bleken in het vinden van werk, een afname in het welbevinden rapporteerden. Verder blijkt doorstarten om financiële redenen negatief te zijn voor het welbevinden, terwijl mensen die om intrinsieke redenen doorwerken een toename in welbevinden ervaren. De bevindingen van dit onderzoek dragen bij aan de kennis over hoe verschillende pensioentransities het leven na pensioen beïnvloeden. Dit artikel is een inkorting en bewerking van het artikel: Dingemans, E., & Henkens, K. Involuntary retirement, bridge employment, and satisfaction with life: A longitudinal investigation. Journal of Organizational Behavior 2014; 35(4), 575–591. DOI: 10.1002/job.1914.Retirement is increasingly recognized as a process that can take multiple forms and may contain a continuation in paid work after career exit, referred to as bridge employment. This research investigated the consequences of bridge employment for well-being of older adults during the transition to retirement. Bridge employment was assumed to compensate for the negative impact of involuntary career exit on well-being in later life. Furthermore, well-being was expected to be influenced by the different intentions and motives for taking bridge jobs. We used panel data on Dutch retirees. The results of the conditional change models demonstrate that involuntary retirement was detrimental for well-being, but engagement in a bridge job was found to mitigate this negative shock. In addition, older adults who searched for bridge jobs but were unable to find one reported decreased levels of well-being. Moreover, participation in bridge employment for financial motives was associated with decreases in well-being, whereas post-retirement working based on intrinsic motives was found to enhance the level of well-being. These results contribute to the understanding of the consequences of post-retirement work for late life well-being. This article is adapted from an article originally published in Journal of Organizational Behavior, doi: 10.1002/job.1914.
Original languageDutch
Pages (from-to)312-320
JournalTijdschrift voor Gerontologie en Geriatrie
Volume45
Issue number6
DOI
Publication statusPublished - 2014

    Research areas

  • pensionering, uittredeproces, actief, welbevinden, doorstarten na werk

ID: 753719